click to enlarge

"Me and the Devil"
IGOR GABRIEL '96


Elke muzikale cultuur heeft haar blues

Op BJ Scotts' vorige cd 'Mudcakes", is er minstens één nummer, 'Love Goes Stumblin', waarin gitaar, bas en drums door 1 enkele persoon worden gespeeld: Jean-Marie Aerts. We hebben het hier wel degelijk over de enige echte Jean-Marie Aerts die destijds nog bij TC Matic en Raymond's Bien Servi speelde en die al decennia lang bekend staat als één van 's lands meest vooraanstaande producers en gitaristen. 'JMX', zoals ze tegenwoordig zeggen, is zijn pseudoniem, zijn handelsmerk en zijn logo dat hij trouwens op onnavolgbare wijze in 1 enkele handbeweging, en op simpele aanvraag zelfs op het ritme van 'Crossroads', voor je op papier zet en dat we terugvinden op de cd's die hij uitbrengt, zoals in 1999 het merkwaardige 'Autonome'. Volgens JMX is het simpel: elke muzikale cultuur heeft haar blues. Om dat te illustreren, licht hij volgend lijstje van recommended artists toe:

'Vooraleer ik met mijn lijstje begin, wil ik het toch wel even hebben over 'Mississippi Blues', een bijzonder geslaagde film van Bertrand Tavernier waarin hij op zoek gaat naar de oorsprong van de blues. De mensen, vooral onbekenden, die je in beeld krijgt en aan het woord hoort, zijn echt de moeite waard. Er worden interessante omwegen in de geschiedenis en links met diverse invloeden, zoals de gospel, gemaakt. Je merkt duidelijk dat de research op een uiterst professionele manier werd verricht. Ik heb er heel wat van opgestoken. Ziehier mijn lijstje.

De zwarte pioneers.
In de tijd van TC Matic hoorde ik Arno voortdurend over Sonny Boy Williamson spreken. Hij keek duidelijk op naar die figuur en op zekere dag heeft hij mij een video laten zien van een concert van Sonny Boy, ergens in Zweden, samen met een blanke gitarist, en ik moet zeggen dat ik behoorlijk gefascineerd was. Ook Steven De bruyn is een verwoed Sonny Boy-fan. John Lee Hooker zou ook in elk lijstje moeten voorkomen. 'Blues is the healer', zegt hij altijd, en dat geldt eigenlijk voor de muziek in het algemeen. Muziek heeft altijd een geneeskrachtige werking. Eén plaat van John Lee Hooker zou eigenlijk iedere sterveling op aarde moeten bezitten, en dat is 'House of the Blues'. Als je aandachtig naar Hooker luistert, en vooral naar die typische groove die hij in zijn nummers schept, stel je vast dat hiphop en jazz verduiveld dicht bij zijn muziek aanleunen. Niemand is er ooit in geslaagd om zoals hij, en met diezelfde overtuiging, een volledig nummer te spelen op één enkel akkoord, met als enige ritme zijn eigen footstomp. En dan heb je Robert Johnson, volgens mij een regelrechte genius. Die zwarten in Amerika hebben het in de eerste helft van de eeuw, en zelfs nog lang erna, toch niet gemakkelijk gehad, he zeg! Je mag niet vergeten dat John Lee Hooker één van de weinige overlevenden uit het pionierstijdperk is, die eindelijk naar waarde worden geschat en vergoed worden voor waar ze heel hun leven hebben moeten voor werken. Nu kan hij eindelijk eens een mooi pak kopen, goed gaan eten, zich in een degelijke wagen laten rondrijden, kortom: nu kan hij eindelijk van het leven genieten.

Vrouwen in de blues.
Ook hier zijn er voorbeelden genoeg, maar toch verdienen Billie Holiday & Bessie Smith, twee van de vele ongekroonde bluesqueens, net iets meer aandacht. Vooral de manier waarop deze vrouwen hun stem gebruikten, vind ik indrukwekkend. Dat zal wellicht iets te maken gehad hebben met wat ze in hun leven allemaal hebben meegemaakt, al denk ik niet dat je ooit zoiets bereikt zonder de nodige portie talent en vindingrijkheid.

Elektrische blues.
Voor mij is en blijft Jimi Hendrix een bluesman in alles wat hij ooit verwezenlijkt heeft, ook al speelt hij heel wat nummers niet strikt volgens het bluesschema. Zijn 'Red House', in de originele studioversie, vind ik persoonlijk een van de beste elektrische bluesnummers die er ooit geschreven werden. En als je dan die teksten bestudeert, stel je vast wat een groot dichter Jimi Hendrix bovendien was. En wat een producer! Luister bvb. maar eens aandachtig naar 'Electric Ladyland'.

Ska, reggae en dub.
'No Woman No Cry' van Bob Marley is volgens mij evenzeer een bluesnummer als, zeg maar, 'I Just Wanna Make Love to You' van Muddy Waters en ook Lee 'Scratch' Perry en King Tubby, horen zonder twijfel thuis in de wereld van de blues.

Afrika.
Mensen als Fela Kuti en Ali Farka Toure, die ook zoveel hebben moeten vechten om iets te bereiken, leveren het onomstotelijke bewijs van waar de blues voor een groot deel vandaan komt. Vooral die eerste cd van Ali Farka Toure uit 1988 (Espérance/Sonodisc), die bijzonder ruw klinkt, vind ik een absolute aanrader. Het is alsof je naar een soort van Afrikaanse Robert Johnson zit te luisteren.

Griekenland.
Iordanis Tsomidis heb ik ooit ontmoet, in het Paleis voor Schone Kunsten, via een vriend die een film over hem wilde maken. Ik moet zeggen dat ik enorm onder de indruk was van de manier waarop die oudere man daar zat te tokkelen op zijn instrument, een soort inheems snaarinstrument, maar het was geen bouzouki.

Spanje.
Flamenco is volgens mij ook blues. Ik weet niet of je je Remedios Amaya nog herinnert, de Spaanse zangeres die in 1983 nul punten behaalde op het Eurovisie Songfestival. Ze zat op hetzelfde label als TC Matic. Welnu, de cd die ze onlangs (1998) samen met een piepjonge Flamencogitarist uitbracht op Hemisphere/EMI, klinkt gewoonweg fantastisch.

Cuba.
Iedereen zal ondertussen wel die cd van de Buena Vista Social Club in huis hebben zeker, maar ook de film van Wim Wenders zou iedereen moeten gezien hebben. Je ziet ze er o.a. aan het werk in de opnamestudio en al die bedreven virtuozen komen er uiteraard in voor. Bijzonder leerrijk. Ook dat is volgens mij de blues.

Egypte.
Wie nog nooit over Ali Hassan Kuban, the godfather of Nubian roots music, gehoord heeft, moet daar absoluut iets van in huis halen. Die ritmes, die grooves! Ik heb hier een van zijn eerste cd's in huis, 'Walk like a Nubian', op het Pirana-label.

The British Blues.
Die mogen we natuurlijk ook niet vergeten en dan denk ik in de eerste plaats aan John Mayall, Eric Clapton en Mick Taylor. En zo zou ik nog wel enkele pagina's kunnen vullen! Toch wil ik hieraan nog toevoegen dat wie aandachtig naar al die blueszangers en -zangeressen luistert, meteen ontwapend wordt door de eerlijkheid van het genre, op voorwaarde evenwel dat het niet geforceerd gebeurt, wat helaas ook dikwijls het geval is, maar die haal je er dan ook onmiddellijk uit. Heel wat zgn. bluesmuzikanten vergeten maar al te vaak dat de inhoud primeert op de vorm en dat hun instrument enkel ten dienste staat van de song, en daarmee bedoel ik 'instrument' in de ruimste zin van het woord. Sla jij met je hoofd tegen een houten wand die deel blijkt uit te maken van een geslaagd muzikaal decor, dan lever jij een interessante bijdrage tot de song!

(Stage - Blues Special - 2000 - JS)


A blues tribute from an outstanding guitar player - René Van Barneveld (on a 1927 Robert Johnson guitar)